‘Onder de boog gezet’

Voor het Dagblad van het Noorden was ik onlangs met een handboog in de weer, maar niet voordat ik op aandringen van de handboogschiettrainer naar een half paard/half boogschieter tuurde…

LIEFDE VOOR DE BOOG

In de rubriek ‘Schaduwsporten’ ontdekt André van den Ende de wereld die schuil gaat achter sporten die niet bij iedereen even bekend zijn, die in de schaduw staan van veel beoefende sporten als voetbal, hockey en schaatsen. In deze aflevering gaat hij op bezoek bij handboogsportvereniging Sagittarius in Emmen.

EMMEN ,,Ja, en beweeg nu je handen maar naar je ogen toe”, zegt Luuk Kramer, trainer bij handboogschietvereniging Sagittarius in Emmen. Ik ben nauwelijks binnen in het knusse clubgebouwtje als ik door een klein gaatje tussen m’n duimen en de rest van m’n ineengevouwen handen sta te turen naar een geborduurd wandkleed met daarop een afbeelding van een half paard/half boogschutter – het blijkt Cheiron te zijn, de mythische figuur die Achilles leerde boogschieten én het symbool van het sterrenbeeld Sagittarius (Boogschutter) is.

Ik doe wat Luuk van me vraagt. Blijf geconcentreerd door het gaatje kijken en beweeg mijn handen langzaam richting mijn ogen. ,,Rechts!’’, zegt hij resoluut als ik m’n handen bijna voor m’n ogen heb. Navraag leert dat zojuist is bepaald wat mijn dominante oog is. Mijn rechteroog dus. Want ik bewoog m’n handen blijkbaar meer naar m’n rechteroog dan naar m’n linkeroog.

Waarom dat testje belangrijk is? Omdat ik ‘sowieso onder de boog wordt gezet straks’, zegt Kramer. Ik moet immers weten waarover ik ga schrijven. ‘Onder de boog gezet worden’. Het klinkt een beetje onheilspellend. Willem Tell-achtige beelden dringen zich op. Moet ik tegen de muur? Gaan ze met z’n allen iets van m’n hoofd proberen te schieten?!, flitst het door m’n hoofd.

Nee, het valt mee. Ik hoef nergens letterlijk onder. ‘Onder de boog zetten’ is handboogschuttersjargon. Het betekent dat ik straks ook even de boog ter hand mag nemen. In m’n linkerhand om precies te zijn, want m’n rechteroog is dominant, dus de boog ligt in m’n linkerhand, terwijl ik schiet met  m’n rechterhand en tijdens het schieten m’n linkeroog gesloten houd.

Voor het zover is, schuif ik aan bij Jolanda Salomons en Nelly Bunschoten. Jolanda is secretaris van Sagittarius en beginnend boogschutter; Nelly is net als Luuk trainer en een oude rot in het handboogschieten. Ze zijn verwikkeld in een discussie over bogen. Recurvebogen, compoundbogen, bogen die in de categorie ‘overig hout’ vallen of juist bij ‘traditioneel hout’ horen. En maakt de bond eigenlijk wel onderscheid? En welke bond eigenlijk? Want er zijn drie handboogschietbonden in Nederland. Voor een leek is het bijna niet te volgen. Geen peil op te trekken, zo u wil.

,,Het klinkt inderdaad een beetje ingewikkeld’’, zegt Salomons even later. ,,Maar toch is het allemaal niet zo moeilijk hoor. Je moet gewoon tienen schieten, haha.’’ Dat lukt Salomons zelf nog lang niet altijd, maar ze is ook nog niet zo heel lang boogschutter. ,,Ik ben er op vakantie in Frankrijk mee in aanraking gekomen en was meteen verkocht. Toen bleek er in Emmen een vereniging te zitten en ben ik besmet geraakt met het virus. Bij m’n man is het nog ‘erger’; die zou het liefst iedere dag hier staan. Er zijn nu ongeveer 65 mensen lid, van jong tot oud, maar ze hebben één ding gemeen: liefde voor de boog.”

Dat blijkt als het jonge talent Joran Drent het clubgebouw binnenkomt met z’n fonkelnieuwe oranje boog. De mannen scharen zich er omheen alsof het de nieuwste Ferrari is – en zoveel scheelt het ook niet, want hij is behoorlijk aan de prijs en Drent en z’n boog schieten de pijlen met een snelheid van wel 300 kilometer per uur richting het blazoen, zoals het doel heet waar boogschutters op mikken. Het is een prachtig gezicht om Drent aan het werk te zien. Concentratie, maar ook souplesse. Vlak voor hij het schot lost, lijkt het een foto. Geen beweging. En dan: los! Daar zoeft de pijl richting de muur, waar hij zich tot een centimeter of vijftien inboort.

Vanuit een hoekje in de zaal kijken ook twee andere gasten bewonderend toe. Een uil en een hertje. Niet echt natuurlijk, maar van een soort schuimrubber. ,,Die gebruiken we bij het 3D-schieten. In november ga ik dat ook voor het eerst doen. Door het bos met pijl en boog en dan schieten op dit soort doelen. Echt sluipen en kruipen’’, legt Salomons uit.

Maar voor de uil en het hertje doelwit worden, mogen ze eerst ook nog naar mij kijken. Het valt niet mee als Luuk Kramer me ‘onder de boog zet’. Schouders recht houden, duim tegen het jukbeen, knieën een beetje buigen, maar toch ontspannen én natuurlijk de boog stilhouden. Veel handelingen tegelijkertijd. Met meer geluk dan wijsheid raak ik na een paar keer proberen uiteindelijk het blauwe gedeelte van het blazoen. Een zes. Ik ben over.